Götenborg naar Skokanvarre
Deze reis hebben we de ferry van Kiel naar Götenborg genomen, dit is een overtocht van 19 uur. Prijzig maar heel relaxt met uitstekend Zweeds eten aan boord. We zijn om 09:00 in Götenborg aangekomen en om 09:30 rijden we al van boord maar voordat we door mogen moet er eerst geblazen worden. De ferry’s naar Scandinavië staan er om bekend dat de alcohol goedkoop en in grote hoeveelheden genuttigd wordt door de Scandinaviërs.
In Götenborg zoeken we eerst een geldautomaat, we hebben de nodige Zweedse kronen nodig. Met hulp van een taxichauffeur komen we uit bij een bankomat. Hierna verlaten we Göteborg naar het noorden en gaan op weg naar Mora, midden Zweden. De weg is over het algemeen vrij goed al zijn er ook wel slechte stukken. Het weer is minder, onderweg regent het bijna continu.
Om 17.00 zijn we op de campsite in Mora. Deze is gelegen op het sportterrein van Mora en omdat het weer nog steeds slecht is nemen we een hut. We nemen een kamer in een groter huis met een gezamenlijke keuken en woonkamer. Na ons komen er nog twee Duitsers. Na het eten gaan we onze route naar de Noordkaap verder uitstippelen. We hebben de keuze om de kust van de Botnische golf te volgen of midden door Zweden te gaan. We kiezen de laatste route.
De volgende morgen staan we vroeg op om even na half negen weg te rijden richting een supermarkt welke om 09:00 open gaat. Het weer is vanmorgen uitstekend en we gaan de 45 naar het noorden volgen. Later in de morgen begint de lucht te betrekken en zo nu en dan regent het zelfs. We zoeken een camping in de buurt van Vilhelmina, het is even zoeken maar de camping is zeer zeker de moeite waard. Op de campsite zetten we de tent op. Onderweg reden we bijna volledig door een bosrijkgebied afgewisseld met landbouw velden. We hebben verder heel veel rendieren gezien, zowel in de bossen als langs de weg lopend.
In de loop van de avond begint het flink af te koelen en we gaan in de “huiskamer” zitten. Het is nog heel rustig op de camping en voor zover we zien zijn we de enige kampeerders. Buiten komen de muggen opzetten. Het leuke van deze noordelijke breedte is het licht, als we om half elf terug gaan naar de tent is de zon nog niet onder en om drie uur is de zon al weer op.
Volgens informatie op het Internet is er een Geologisch museum in Vilhelmina, we informeren er naar bij de receptie van de camping. Ze had er nog nooit van gehoord maar na enige rondbellen vertelt ze ons dat dit in Klimpfjäll moet zijn. Dit ligt in het grensgebied met Noorwegen en er is geen gids maar de sleutel kunnen we in het hotel krijgen. Dit ligt te ver uit onze route en omdat we ook vernemen dat het uit niet meer bestaat dan een klein kamertje en daarop besluiten we om door te rijden en het museum link te laten liggen.
Het weer is uitstekend en we ontbijten in het zonnetje, om kwart over negen rijden we weg van de camping richting het noorden. We blijven de E45 verder volgen en rijden langs Storuman, Sorsele, Aridsjair en Jokkmokk naar het noorden. Onderweg zien we veel herten en rendieren in de bossen, langs de weg en in de velden. Langzamer gaat het landschap van een bosgebied over in een toendra met verspreidt lage beuken, dit is het typische landschap van Noord Zweden en ook het deel van Scandinavië dat Lapland heet en bewoond wordt door de Samen.
Bij Jokkmokk is een waterkrachtcentrale die aan de bovenkant beschilderd is met Samen symbolen. In een boekje van de ANWB staat dat in Porjus de oude centrale tot een museum is omgebouwd. Hier zouden rondleidingen zijn tot 18:00 ’s avonds. Als we hier aankomen is het pas half vijf maar er is verder niets te zien. Als we verder navragen blijkt dat de rondleidingen waarschijnlijk de volgende week starten. Daarop rijden we door naar Vittangi waar we de lokale camping opzoeken. Ondertussen is het weer gaan bewolken en op de camping is het aardig fris.
We zoeken een hut uit en pakken de sleutel. In de hut zijn een koelkast en een kookplaat aanwezig. De camping is leeg op twee fietsers en een Nederlandse auto met caravan na. De twee fietsers zijn vader en zoon en zijn nu al aan maand onderweg naar de Noordkaap. Ze gaan door tot Honingsvåg en stappen daar op de Hurtigrutten tot Bødo. Later is de man van de camping aanwezig en gaan we betalen. In de hut zijn geen makkelijke stoelen aanwezig maar geen probleem, wij hebben wel makkelijke camping stoelen bij ons. Deze pakken we zodat we wat makkelijker kunnen zitten. Voor het slapen gaan maken we nog een ommetje over de camping.
De volgende morgen zijn we om acht uur opgestaan, het blijkt dat de ijskast wel erg koud staat. De melk en sap zijn bevroren. Bij het opstaan is het zwaar bewolkt en het begint wat te spetteren. Om half tien rijden we weg naar het dorp om wat boodschappen te doen voordat we verder gaan richting de Finse grens. Ondertussen begint het harder te regenen, we hebben te doen met de arme fietsers, later klaart het wat op en het wordt zelfs even droog. Dit geeft ons de tijd om koffie te drinken. De grens met Finland steken we zonder problemen over en in de eerste de beste locatie kopen we nog wat brood en uien. We willen namelijk Finse Euro’s hebben. Nog voor de Fins-Noorse grens stoppen we bij een souvenirshop met Sammi producten waaronder schitterend gesmede messen met een lemmet van ruim 30 centimeter en een handvat van rendier gewei. Hier krijgen we nog meer Finse Euro’s terug.
Buiten is het wisselend bewolkt met zo nu en dan een buitje, we rijden verder en na circa 100km in Finland komen we bij de grens met Noorwegen.
We rijden naar Kautokeine, daar is een expositie van Juhl. Dit is een zilversmederij in een gebouwencomplex met 5 kamers, voor elke tien jaar één. Regina Juhl laat zich inspireren door de natuur en maakt hiervan zilveren sieraden. In het complex zijn ook handgemaakte sieraden van andere kunstenaars te koop. We krijgen een korte rondleiding met uitleg en kijken daarna nog even rond. Hierna rijden we door naar Karasjok en stoppen bij Sapmi, een Samisch themapark. We kijken naar een korte film over de Sami-people met hun zeer oude cultuur. Verder lopen we rond en zien hoe de Samen in de winter en de zomer leefden.
Hierna gaan we door naar de camping Skokanvarre. Deze ligt heel mooi aan een meer, we nemen hier een hut omdat het buiten flink fris is (6°C), wel mooi weer maar koud. Na het eten maken we korte wandeling over het terrein. Bij het meer zien we 2 Noorse sterns zittend op de motor van een bootje.